De ambtenaren werkzaam bij de Autoriteit Consument en Markt worden aangewezen als ambtenaren, bedoeld in artikel 12a, eerste lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt, belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens:
de Drinkwaterwet: artikel 48, vierde lid;
de Elektriciteitswet 1998: artikel 5, eerste lid;
de Energiewet: artikel 5.1;
de Gaswet: artikel 1a, eerste lid;
de Loodsenwet: artikel 45b, eerste lid;
de Mededingingswet: artikel 2;
de Postwet 2009: artikel 37;
de Spoorwegwet: artikel 70, tweede lid;
de Telecommunicatiewet: artikel 15.1, derde lid;
de Uitvoeringswet dataverordening: artikel 3 en 5;
de Uitvoeringswet datagovernanceverordening: artikel 2 zesde lid;
de Uitvoeringswet digitaledienstenverordening: artikel 2.1 en 2.2;
de Uitvoeringswet digitalemarktenverordening: artikel 2;
de Uitvoeringswet EU-zeehavenverordening, artikel 8;
de Warmtewet, artikel 15;
de Wet collectieve warmte: artikel 10.1, eerste lid;
de Wet handhaving consumentenbescherming: artikel 2.2;
Wet implementatie EU-richtlijn hernieuwbare energie voor garanties van oorsprong: artikel 8, eerste lid;
de Wet luchtvaart: artikel 11.14a;
de Wet oneerlijke handelspraktijken landbouw- en voedselvoorzieningsketen: artikel 7, tweede lid;
de Wet personenvervoer 2000: artikel 87, vijfde lid;
de Wet publiek toezicht en handhaving verordening bevordering billijkheid en transparantie voor zakelijke gebruikers van onlinetussenhandelsdiensten: artikel 3;
de Wet uitvoering EU-handelingen energie-efficiëntie: artikel 19,
alsmede belast met het toezicht op de naleving van Europese verordeningen als bedoeld in artikel 288 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, voor zover dat toezicht is opgedragen aan de Autoriteit Consument en Markt.
Artikel 2
Artikel 2
Onderdeel van Besluit aanwijzing toezichthouders ACM 2022· Contracten, schade en aansprakelijkheid
Deze tekst geldt sinds 25 december 2025