Aan de inspecteur-generaal is voorbehouden:
het afdoen en ondertekenen van stukken gericht aan de:
Eerste en de Tweede Kamer der Staten-Generaal,
bewindspersonen van het ministerie of bewindspersonen van andere ministeries,
secretaris-generaal en directeuren-generaal van het ministerie en secretarissen-generaal en directeuren-generaal van andere ministeries, en
het vaststellen van:
het jaarwerkplan, bedoeld in artikel 7 van de Wet op het onderwijstoezicht,
een themarapport als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de Wet op het onderwijstoezicht,
het onderwijsverslag, bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de Wet op het onderwijstoezicht,
het ingevolge artikel 9:12 van de Algemene wet bestuursrecht geven van een oordeel over een klacht.
Hoofdstuk 2
Artikel 6
Voorbehouden aan de inspecteur-generaal
Onderdeel van Organisatie- en mandaatbesluit Inspectie van het Onderwijs 2022· Onderwijsrecht
Deze tekst geldt sinds 5 oktober 2022