Naar hoofdinhoud
Een adequate geboorteregistratie is om verschillende redenen van groot belang. Te denken valt met name aan het personeel statuut van het betrokken kind en de volledigheid van de BRP en de daaraan gelieerde andere administraties. Artikel 19e, achtste lid, van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek geeft daarom de ambtenaar van de burgerlijke stand de mogelijkheid om zich een verklaring te doen overleggen door de arts of de verloskundige die bij het ter wereld komen van het kind tegenwoordig was, inhoudende dat het kind uit de als moeder opgegeven persoon is geboren. Is het kind buiten de tegenwoordigheid van een arts of verloskundige ter wereld gekomen, dan kan de ambtenaar van de burgerlijke stand zich een door een zodanige hulpverlener nadien opgemaakte verklaring doen overleggen. Koestert de ambtenaar van de burgerlijke stand om hem moverende redenen twijfel over de juistheid van de geboorteaangifte, dan kan de genoemde medische verklaring een nuttig instrument zijn om die twijfel weg te nemen of juist te staven. In de praktijk blijkt maar in beperkte mate van deze bevoegdheid gebruik gemaakt te worden.12Dit geldt alleen voor de aangifte aan de gemeentebalie. Bij digitale aangifte van geboorte is de verklaring van de arts of verloskundige wel een verplicht document om de geboorteakte te kunnen opmaken. Daarom zij er met nadruk op gewezen dat de ambtenaar van de burgerlijke stand zich een medische verklaring omtrent de geboorte kan doen overleggen als hij twijfelt over de juistheid van de geboorteaangifte. U kunt met nadere vragen over de Wet BRP contact opnemen met de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens (RvIG) op telefoonnummer 088-9001000 of per e-mail naar info@rvig.nl. Informatie is bovendien beschikbaar op de website www.rvig.nl.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel