**1.** Het Zorginstituut baseert het geraamde aantal verzekerden per zorgverzekeraar voor het criterium HSM_C op:
de indeling in HSM_C-klassen 2023 zoals weergegeven in het referentiebestand dat is opgenomen in Bijlage 9 van deze Beleidsregels; en
de kenmerkindelingen in FKG_C, primaire en secundaire DKG_C, HKG_C, FDG_C, MHK_C, MVV_C voor vereveningsjaar 2020 per gepseudonimiseerd burgerservicenummer zoals bepaald door het Zorginstituut ten behoeve van de eerste voorlopige vaststelling volgens Beleidsregels vereveningsbijdrage Zvw 2020.
**2.** Het Zorginstituut koppelt de gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, met het gepseudonimiseerde burgerservicenummer aan het PER 2022 en bepaalt daarmee en met inachtneming van Bijlage 9 van deze Beleidsregels, in welke HSM_C-klasse een verzekerde wordt ingedeeld. Het Zorginstituut stelt voor de toepasselijke klasse waarin de verzekerde valt de zwaarte op 1.
**3.** Het Zorginstituut past hierop een sterftecorrectie toe, waarbij de verzekerden een zodanige zwaarte krijgen dat de relatieve prevalentie constant blijft.
**4.** Het Zorginstituut past op de verzekerden die in het PER 2022 voor het eerst voorkomen per HSM_C-klasse de gemiddelde prevalentie van de overige verzekerden in het PER 2022 toe.
**5.** Als een verzekerde niet in een andere klasse dan ‘Geen HSM_C’ valt, deelt het Zorginstituut deze verzekerde in de klasse ‘Geen HSM_C’ in.
**6.** Het Zorginstituut herschaalt het geraamde aantal verzekerden voor het criterium HSM_C naar de macroverzekerdenraming.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.13
HSM_C
Onderdeel van Beleidsregels risicoverevening 2023· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht
Deze tekst geldt sinds 28 oktober 2022