**1.** Het Zorginstituut baseert het aantal verzekerden per zorgverzekeraar en per modelovereenkomst voor het criterium MVV_C op:
de indeling in MVV_C-klassen 2023 zoals weergegeven in het referentiebestand dat is opgenomen in Bijlage 12 van deze Beleidsregels;
de leeftijd volgens het PKB 2023;
de kosten volgens declaraties kosten verpleging en verzorging 2020 per gepseudonimiseerd burgerservicenummer tot en met 31 december 2022, zoals zorgverzekeraars die op 1 mei 2023 bij het Zorginstituut hebben aangeleverd;
de kosten volgens declaraties kosten verpleging en verzorging 2021 per gepseudonimiseerd burgerservicenummer tot en met 31 december 2023, zoals zorgverzekeraars die op 1 mei 2024 bij het Zorginstituut hebben aangeleverd;
de kosten volgens declaraties kosten verpleging en verzorging 2022 per gepseudonimiseerd burgerservicenummer, zoals zorgverzekeraars die op 1 mei 2024 bij het Zorginstituut hebben aangeleverd;
bewoners Wlz-instelling volgens Wlz-declaraties december 2022 en Wlz-declaraties december 2023; en
het PKB 2020, PKB 2021 en PKB 2022.
**2.** Het Zorginstituut koppelt de opgaven, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b tot en met g, met het gepseudonimiseerde burgerservicenummer aan het PKB 2023 en bepaalt daarmee en met inachtneming van Bijlage 12 van deze Beleidsregels, in welke MVV_C-klasse een verzekerde wordt ingedeeld.
**3.** Als een verzekerde niet in een andere klasse dan ‘Geen MVV_C’ valt, deelt het Zorginstituut deze verzekerde in de klasse ‘Geen MVV_C’ in.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.13
MVV_C
Onderdeel van Beleidsregels risicoverevening 2023· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht
Deze tekst geldt sinds 28 oktober 2022