**1.** De minister delegeert overeenkomstig artikel 123, vierde lid, van verordening (EU) 2021/2115 het beheer en de uitvoering van de navolgende verrichtingen die voor steun in aanmerking komen, aan gedeputeerde staten van de onderscheiden twaalf provincies:
alle verrichtingen op grond van de artikelen 70 en 77, eerste lid, onderdeel b, van verordening (EU) 2021/2115;
verrichtingen op grond van de artikelen 73, 77 en 78 van verordening (EU) 2021/2115, voor zover deze interventies provinciaal worden uitgevoerd; en
alle verrichtingen op grond van de artikelen 31, 32, 33, tweede lid, en 34 van verordening (EU) 2021/1060.
**2.** Onder het beheer en de uitvoering van verrichtingen als bedoeld in het eerste lid, wordt in elk geval verstaan het binnen de kaders van het Nederlandse NSP:
vaststellen van voorwaarden voor de verrichtingen die voor steun in aanmerking kunnen komen;
in overeenstemming met artikel 79 van verordening (EU) 2021/2115 vaststellen van criteria voor de selectie van de verrichtingen die door de betreffende provincie worden uitgevoerd;
de ex ante beoordeling van de verifieerbaarheid en controleerbaarheid van de interventies;
de beoordeling van de verifieerbaarheid van aanvullende voorwaarden voor steunverlening als bedoeld in artikel 59, achtste lid, van verordening (EU) 2021/2116;
uitvoering geven aan artikel 123, tweede lid, onderdelen b, c, h, i, j en k, van verordening (EU) 2021/2115;
het instellen van een comité overeenkomstig artikel 32, tweede lid, van verordening (EU) 2021/1060;
uitvoering geven aan de artikelen 8 en 10 voor zover van toepassing op de verrichtingen bedoeld in het eerste lid.
Hoofdstuk 2
Artikel 3
Artikel 3
Onderdeel van Regeling uitvoering NSP GLB 2023–2027· Agrarisch recht
Deze tekst geldt sinds 22 december 2022