**1.** Een bijdrage op grond van deze regeling kan slechts worden toegekend indien:
sprake is van een serie van minimaal 3 en maximaal 10 concerten of voorstellingen binnen een periode van maximaal 3 maanden;
de concerten of voorstellingen plaatsvinden op podia of festivals in Nederland die in de disciplines of genres waarbinnen de podiumkunstenaar(s) opereert/opereren een relevante programmering verzorgen;
de concerten of voorstellingen zijn bevestigd door de betreffende podia of festivals;
met de betreffende podia of festivals een redelijke vergoeding voor de podiumkunstenaar(s) is overeengekomen;
de podiumkunstenaar(s) hoofdzakelijk eigen werken uitvoert/uitvoeren of werken die specifiek voor de podiumkunstenaar(s) zijn gemaakt.
**2.** Niet in aanmerking voor subsidie komen activiteiten:
die onvoldoende bijdragen aan de doelstelling van deze regeling;
waarvan de artistieke kwaliteit onvoldoende gewaarborgd is;
waar onvoldoende is voorzien in randvoorwaarden om een goede uitvoering van de activiteiten te garanderen.
**3.** Het bestuur kan, onverminderd het bepaalde in artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht, het subsidie weigeren:
als voor de podiumkunstenaar(s) waarop de aanvraag betrekking heeft, reeds tweemaal eerder in een kalenderjaar subsidie is verstrekt op grond van deze regeling;
als reeds eerder voor dezelfde activiteit subsidie is aangevraagd in het kader van deze regeling;
als er onvoldoende sprake is van een reeks logisch samenhangende concerten of voorstellingen.
Artikel 7
Vereisten
Onderdeel van Tournee- en promotieregeling· Cultureel recht
Deze tekst geldt sinds 23 december 2022