**1.** Subsidie op grond van deze titel kan worden verstrekt voor:
investeringen in collectieve infrastructuur, utiliteiten en slimme opslagsystemen ten behoeve van diversificatie en transformatie van industrie naar 0-emissie, hernieuwbare energie en grondstoffen of circulaire grondstoffen; of
proceskosten die rechtstreeks samenhangen met de planvoorbereiding van infrastructuur buiten industrieterreinen.
**2.** Voor subsidie komen niet in aanmerking:
gereguleerde infrastructuur;
(rest)warmte-infrastructuur waar geen uitzicht is op volledig duurzame opwekking van warmte;
opwekking, transport of opslag van fossiele energie;
opwekking, transport of opslag van waterstof die niet geproduceerd is via waterelektrolyse op basis van hernieuwbare elektriciteit, of door middel van superkritische en thermische vergassing van biogeen afval of getorreficeerde biomassa;
investeringen in opwekking van duurzame energie;
specifieke infrastructuur;
ondergrondse CO2-opslag op land;
investeringssteun voor publiek toegankelijke oplaad- of tankinfrastructuur voor emissiearme of emissievrije wegvoertuigen; en
steun voor het distributienetwerkgedeelte van de energie-efficiënte stadsverwarmings- en stadskoelingsinstallatie.
Hoofdstuk 2 › Titel 2.3
Artikel 2.3.4
Subsidiabele activiteiten
Onderdeel van Subsidieregeling JTF 2021–2027· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 24 februari 2023