Onverminderd artikel 1.25 beslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag, indien:
onvoldoende vertrouwen bestaat in de technische of economische haalbaarheid van het project;
door een aanvrager niet voldoende aannemelijk is gemaakt dat het project financieel, ruimtelijk of anderszins, obstakelvrij is; of
niet aannemelijk is dat alle projectactiviteiten van het project binnen 36 maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking volledig ten uitvoer kunnen zijn gebracht.
Hoofdstuk 2 › Titel 2.7
Artikel 2.7.9
Afwijzingsgronden
Onderdeel van Subsidieregeling JTF 2021–2027· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 25 juli 2023