**1.** De ledenraad wijst uit de ledenraadsleden de voorzitter en plaatsvervangend voorzitter van de ledenraad aan. De aanwijzing geldt voor een termijn van ten hoogste een jaar.
**2.** De ledenraad kan de voorzitter ontslaan en een andere voorzitter aanwijzen.
**3.** De plaatsvervangend voorzitter treedt op bij afwezigheid van de voorzitter of in overleg met de voorzitter.
**4.** Bij afwezigheid van de voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter wijst de ledenraad een ledenraadslid aan als waarnemend voorzitter.
**5.** Degene die de vergadering voorzit kan zijn stemrecht door een ander ledenraadslid laten uitoefenen.
Hoofdstuk 7 › Paragraaf 7.1
Artikel 7.6
(voorzitterschap)
Onderdeel van Gerechtsdeurwaardersverordening· Procesrecht
Deze tekst geldt sinds 1 februari 2023