**1.** De persoon die op grond van deze regeling met betrekking tot bouwstoffen, grond of baggerspecie een rapport uitbrengt of een milieuverklaring bodemkwaliteit of afleverbon afgeeft, draagt, voor zover dat redelijkerwijs van hem kan worden gevergd, zorg voor de uitvoering van deze werkzaamheid volgens de bepalingen van deze regeling en met toepassing van de hierin aangewezen normdocumenten.
**2.** De persoon die op grond van deze regeling met betrekking tot bouwstoffen, grond of baggerspecie een rapport uitbrengt of een milieuverklaring bodemkwaliteit of afleverbon afgeeft, draagt, voor zover dat redelijkerwijs kan worden gevergd, zorg voor de juistheid, volledigheid en actualiteit van de daarin opgenomen informatie die relevant is voor het toepassen van het materiaal volgens artikel 2.11 en de paragrafen 4.123 en 4.124 van het Besluit activiteiten leefomgeving.
**3.** De persoon die op grond van deze regeling met betrekking tot bouwstoffen, grond of baggerspecie op grond van deze regeling een rapport uitbrengt, draagt, voor zover dat redelijkerwijs van hem kan worden gevergd, zorg voor een toereikende onderbouwing en motivering van de daarin opgenomen conclusies.
**4.** De persoon die op grond van deze regeling met betrekking tot bouwstoffen, grond of baggerspecie een rapport uitbrengt of een milieuverklaring bodemkwaliteit of afleverbon afgeeft, bewaart het rapport met de daaraan ten grondslag liggende documenten waarin een onderbouwing en motivering van de daarin opgenomen conclusies is gegeven, een kopie van de milieuverklaring bodemkwaliteit, onderscheidenlijk een kopie van de afleverbon, gedurende ten minste vijf jaar na het opstellen daarvan.
Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel VII van het
Aanvullingsbesluit bodem Omgevingswet (Stb. 2021/98) in werking treedt.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.2
(verantwoordelijkheden van de normadressaten)
Onderdeel van Regeling bodemkwaliteit 2022· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2024