**1.** Wanneer in het toelatingsonderzoek de emissies of concentraties van een stof die in bijlage A is vermeld, in alle onderzochte partijen lager zijn dan de bepalingsgrens die in bijlage L is opgenomen, geldt voor de stof een keuringsfrequentie van één verificatiekeuring per vijf jaar.
**2.** Voor asbest gelden voor het verrichten van de verificatiekeuringen de volgende keuringsfrequenties:
als in een van de onderzochte partijen asbest is aangetroffen: de hoogste keuringsfrequentie die volgens artikel 4.19 is bepaald voor enige stof die in de bouwstof is aangetroffen en waarvoor verificatiekeuringen moeten worden verricht; en
als in geen van de partijen asbest is aangetroffen: de laagste keuringsfrequentie die volgens artikel 4.19 is bepaald voor enige stof die in de bouwstof is aangetroffen en waarvoor verificatiekeuringen moeten worden verricht.
Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel VII van het
Aanvullingsbesluit bodem Omgevingswet (Stb. 2021/98) in werking treedt.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.2
Artikel 4.20
(toelatingsonderzoek: bijzondere bepalingsmethoden voor de keuringsfrequenties voor in bijlage A vermelde stoffen)
Onderdeel van Regeling bodemkwaliteit 2022· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2024