1. 1. Een zeebrief voor een zeeschip in bedrijfsmatig gebruik vermeldt:
    • - a. de naam van het zeeschip en die van het kantoor waar het te boek staat;
    • - b. de naam van de reder of rompbevrachter waaraan het zeeschip toebehoort;
    • - c. de bruto- en nettotonnage van het zeeschip volgens de meetbrief;
    • - d. een beschrijving van het zeeschip, waaronder in elk geval:
      • - 1°. het type en de inrichting van het zeeschip,
      • - 2°. het materiaal waarvan de romp is gemaakt,
      • - 3°. de overige speciale kenmerken van het zeeschip,
      • - 4°. het IMO-nummer of, indien het zeeschip geen IMO-nummer heeft, een uniek scheepsidentificatienummer,
      • - 5°. de naam en de vestigingsplaats van de werf waar het zeeschip is gebouwd,
      • - 6°. het bouwjaar en, voor zover bekend, het bouwnummer,
      • - 7°. het aantal motoren waaruit de voortstuwingsinstallatie bestaat,
      • - 8°. het type, het vermogen, de fabrikant en het fabrieksnummer van elke motor, en
      • - 9°. de tijdsduur waarvoor de zeebrief is afgegeven.
  2. 2. Een zeebrief voor een zeeschip in niet-bedrijfsmatig gebruik vermeldt in ieder geval:
    • - a. de naam van het zeeschip en die van het kantoor waar het te boek staat;
    • - b. de naam van de eigenaar;
    • - c. bruto- en nettotonnage van het zeeschip volgens de meetbrief;
    • - d. de in het eerste lid, onderdeel d, subonderdelen 2°, 4°, 7° en 8° bedoelde gegevens.