**1.** Een zeebrief voor een zeeschip in bedrijfsmatig gebruik vermeldt:
de naam van het zeeschip en die van het kantoor waar het te boek staat;
de naam van de reder of rompbevrachter waaraan het zeeschip toebehoort;
de bruto- en nettotonnage van het zeeschip volgens de meetbrief;
een beschrijving van het zeeschip, waaronder in elk geval:
het type en de inrichting van het zeeschip,
het materiaal waarvan de romp is gemaakt,
de overige speciale kenmerken van het zeeschip,
het IMO-nummer of, indien het zeeschip geen IMO-nummer heeft, een uniek scheepsidentificatienummer,
de naam en de vestigingsplaats van de werf waar het zeeschip is gebouwd,
het bouwjaar en, voor zover bekend, het bouwnummer,
het aantal motoren waaruit de voortstuwingsinstallatie bestaat,
het type, het vermogen, de fabrikant en het fabrieksnummer van elke motor, en
de tijdsduur waarvoor de zeebrief is afgegeven.
**2.** Een zeebrief voor een zeeschip in niet-bedrijfsmatig gebruik vermeldt in ieder geval:
de naam van het zeeschip en die van het kantoor waar het te boek staat;
de naam van de eigenaar;
bruto- en nettotonnage van het zeeschip volgens de meetbrief;
de in het eerste lid, onderdeel d, subonderdelen 2°, 4°, 7° en 8° bedoelde gegevens.
Treedt voor Nederland in werking op 1 juli 2025. Treedt voor
Caribisch Nederland in werking op een nader te bepalen tijdstip.
Hoofdstuk 3
Artikel 18
– Inhoud zeebrief
Onderdeel van Rijkswet nationaliteit zeeschepen· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2025