De situatie kan zich voordoen dat in eerste instantie terecht ontvangen looninkomsten moeten worden terugbetaald, omdat zij met terugwerkende kracht worden vervangen door andere looninkomsten. Dat kan bijvoorbeeld als een genoten uitkering volgens de Participatiewet met terugwerkende kracht wordt vervangen door een Ziektewet-uitkering. In gevallen waarin de feitelijke terugbetaling plaatsvindt in een later kalenderjaar dan het jaar waarin de vervangende looninkomsten zijn genoten, kan een belastingnadeel optreden door de progressie in het tarief van de inkomstenbelasting. In het jaar waarin de vervangende looninkomsten worden genoten, zal het inkomen immers hoger zijn. In het jaar waarin de terugbetaling plaatsvindt, zal het inkomen lager zijn. Deze wisseling in inkomen kan ook gevolgen hebben voor inkomensafhankelijke regelingen.
In situaties waarin (in eerste instantie) terecht ontvangen looninkomsten op grond van een afdwingbare verplichting moeten worden terugbetaald en met terugwerkende kracht zijn vervangen door andere looninkomsten, acht ik het niet gewenst dat een belastingnadeel en mogelijke nadelige gevolgen voor andere inkomensafhankelijke regelingen ontstaan. Daarom keur ik het volgende goed met toepassing van artikel 63 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (de hardheidsclausule).
Ik keur onder de volgende voorwaarden goed dat de terugbetaling van (in eerste instantie) terecht ontvangen looninkomsten, in afwijking van de artikelen 3.146 en 3.147 Wet IB 2001, als negatief loon in de zin van artikel 3.81 Wet IB 2001 in aanmerking kan worden genomen in het kalenderjaar waarin de vervangende looninkomsten worden genoten.
Voor deze goedkeuring gelden de volgende vier voorwaarden:
belastingplichtige heeft de looninkomsten niet te kwader trouw verkregen,
belastingplichtige toont de inspecteur aan dat de looninkomsten volledig zijn terugbetaald,
de terugbetaling van de looninkomsten vindt plaats binnen drie maanden na afloop van het kalenderjaar waarin de vervangende looninkomsten zijn genoten, of belastingplichtige heeft er binnen drie maanden na afloop van het kalenderjaar waarin de vervangende looninkomsten zijn genoten blijk van gegeven dat hij de looninkomsten niet wil behouden en heeft deze in dat kalenderjaar op een later moment feitelijk terugbetaald, en
als de terugbetaling in een ander kalenderjaar als negatief loon in aanmerking is genomen, verklaart belastingplichtige zich akkoord met het terugnemen van deze aftrek.
Artikel 3
Terecht ontvangen looninkomsten die later worden terugbetaald, omdat zij vervangen worden door andere looninkomsten
Onderdeel van Besluit terugbetaling looninkomsten· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 8 juni 2023