**1.** Voor de berekeningen ter onderbouwing van de inrichting van de solidariteitsreserve of risicodelingsreserve en voor de toelichting op deze berekeningen:
stelt de pensioenuitvoerder kwantitatieve maatstaven vast om de aansluiting bij de doelstellingen van de inrichting van de reserve te beoordelen;
stelt de pensioenuitvoerder kwantitatieve maatstaven vast om de evenwichtige inrichting van de reserve te beoordelen;
verricht de pensioenuitvoerder een kwantitatieve scenario-analyse of stochastische ALM-analyse om met de kwantitatieve maatstaven genoemd onder a en b de effecten van de inrichting van de reserve inzichtelijk te maken;
onderbouwt de pensioenuitvoerder met de uitkomsten van de kwantitatieve scenario-analyse of stochastische ALM-analyse:
dat de inrichting van de reserve aansluit bij de doelstellingen; en
dat de inrichting van de reserve evenwichtig is.
**2.** Bij het vaststellen van de kwantitatieve maatstaven als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a en b:
neemt de pensioenuitvoerder waarderings- en projectiemaatstaven in aanmerking en onderbouwt de pensioenuitvoerder de keuze voor deze maatstaven;
onderscheidt de pensioenuitvoerder voldoende deelnemersgroepen om een representatief beeld van de effecten voor alle deelnemers, gewezen deelnemers, andere aanspraakgerechtigden en pensioengerechtigden te verkrijgen. De pensioenuitvoerder maakt in elk geval onderscheid naar de in de risicohouding onderscheiden deelnemersgroepen en leeftijdscohorten.
omvatten de kwantitatieve maatstaven ten minste de baten en lasten voor de deelnemersgroepen;
onderbouwt de pensioenuitvoerder dat de gekozen maatstaven tezamen een compleet beeld geven van de aansluiting bij de doelstellingen respectievelijk de evenwichtigheid van de inrichting van de reserve.
**3.** Bij de kwantitatieve scenario-analyse of stochastische ALM-analyse als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel c:
baseert de pensioenuitvoerder deze analyse op een gevalideerd model dat aansluit bij het beleid van de pensioenuitvoerder;
onderscheidt de pensioenuitvoerder een voldoende groot aantal scenario’s en voldoende verschillende scenario’s zodat de pensioenuitvoerder een representatief beeld krijgt over de ontwikkeling van de kwantitatieve maatstaven;
gaat de pensioenuitvoerder uit van een projectiehorizon waarmee de pensioenuitvoerder een relevant beeld verkrijgt van de effecten van de inrichting voor de onderscheiden deelnemersgroepen en over een periode van in beginsel tenminste 60 jaar;
verricht de pensioenuitvoerder deze analyse ten opzichte van de aanname dat de solidariteitsreserve of risicodelingsreserve geen onderdeel van de pensioenregeling zou zijn. Bij een besluit tot wijziging van de inrichting van de solidariteitsreserve of risicodelingsreserve verricht de pensioenuitvoerder deze analyse ook ten opzichte van de situatie dat de inrichting ongewijzigd zou zijn voortgezet;
beschouwt de pensioenuitvoerder in het kader van de robuustheid van de inrichting voor toekomstige ontwikkelingen tenminste twee alternatieve initiële hoogtes van de solidariteitsreserve of risicodelingsreserve die representatief zijn voor de mogelijke toekomstige ontwikkeling van de reserve;
beschrijft de pensioenuitvoerder wanneer in de tijd de baten en lasten voor deelnemers, gewezen deelnemers, andere aanspraakgerechtigden en pensioengerechtigden zich materialiseren.
Treedt in werking op het tijdstip waarop het Besluit toekomst
pensioenen in werking treedt.
Artikel 3
Rekenmethoden en toelichting
Onderdeel van Regeling rekenmethoden onderbouwing solidariteitsreserve en risicodelingsreserve pensioenuitvoerders· Bank- en effectenrecht, financiering
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2023