Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 17

Specifieke eisen aan het project

Onderdeel van Subsidieregeling ondersteuning zelfstandig vertrek 2023· Openbare orde en veiligheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 16 januari 2026

1. Een project dient zich te richten op een specifieke doelgroep van vreemdelingen die zich in Nederland bevinden. 2. Subsidiabele activiteiten: de Post-Arrival ondersteuning en de herintegratieondersteuning kunnen alleen ten goede komen aan onderdanen van een derde land die Nederland daadwerkelijk verlaten; de herintegratieondersteuning is gericht op het verwerven van inkomsten om te voorzien in het eigen levensonderhoud na terugkeer of op de sociale herintegratie in de lokale gemeenschap of familie. De herintegratieondersteuning kan gericht zijn op het opzetten van een eigen bedrijf, maar kan ook bestaan uit tijdelijke huisvesting na terugkeer of scholing; de Post-Arrival ondersteuning en de herintegratieondersteuning worden bij voorkeur verstrekt in het land van herkomst dan wel na het overschrijden van de Nederlandse buitengrens. Bij uitzondering en na goedkeuring door de DT&V kunnen de Post-Arrival-ondersteuning en de herintegratieondersteuning in Nederland worden verstrekt als dit gebeurt met het oog op aanwending van de ondersteuning in het land van herkomst en de ondersteuning uiterlijk de dag voor het geplande vertrek uit Nederland wordt overhandigd aan de deelnemer. 3. Voor het verstrekken van herintegratieondersteuning in het land van herkomst of bestemming, is het uitgangspunt dat de subsidieontvanger gebruik maakt van FX EURP. 4. In afwijking van het derde lid kunnen subsidieontvangers gebruikmaken van IOM indien FX EURP niet beschikbaar is in het land van herkomst of bestemming, of indien er geen terugkeerbesluit is uitgevaardigd aan de terugkeerder die wordt ondersteund door de subsidieontvanger. 5. In afwijking van het derde lid kan de subsidieontvanger, slechts met voorafgaande toestemming van de minister, gebruikmaken van het IOM of een lokale partnerorganisatie, indien dat netwerk meer passend is voor het verstrekken van herintegratieondersteuning dan FX EURP. 6. In het geval van een lokale partnerorganisatie als bedoeld in het vijfde lid beoordeelt de minister of het een institutionele partner betreft die aantoonbaar kwalitatief goede herintegratieondersteuning verstrekt. 7. Voor het verkrijgen van de voorafgaande toestemming van de minister, bedoeld in het vijfde lid, dient de subsidieontvanger een verzoek in. De subsidieontvanger kan hiervoor gebruik maken van een door de minister beschikbaar gesteld formulier op de website van DT&V. Artikel II van Stcrt. 2026/1211 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.

Rechtspraak bij dit artikel