**1.** De commissie bestaat uit een voorzitter en uit niet meer dan vijftien leden.
**2.** De minister benoemt de voorzitter en de overige leden.
**3.** De minister kan de voorzitter of een overig lid schorsen of tussentijds ontslaan, indien:
daarom door de betreffende persoon is verzocht;
het functioneren van de voorzitter of van het betreffende lid daartoe aanleiding geeft; of
de schijn van het hebben van een persoonlijk belang niet meer kan worden uitgesloten.
**4.** Bij tussentijds ontslag van een lid kan de minister een ander lid benoemen.
**5.** Bij de omgang met een persoonlijk belang hanteert de commissie de bepaling over persoonlijk belangen binnen beoordelingscommissies, zoals opgenomen in de werkwijze, bedoeld in artikel 7.
**6.** De voorzitter en de overige leden hebben zitting op persoonlijke titel en oefenen hun functie uit zonder last of ruggespraak.
Artikel 3
Samenstelling, benoeming, ontslag
Onderdeel van Instellingsbesluit beoordelingscommissie Npuls CTL· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 24 juli 2026