Deze aanwijzing betreft het opsporings- en vervolgingsbeleid aangaande fraude met uitkeringen en voorzieningen, verstrekt krachtens de sociale zekerheidswetgeving, gepleegd door uitkeringsgerechtigden en eventuele (mede)verdachten. Voor de keuze tussen bestuursrechtelijke en strafrechtelijke sanctionering neemt de aanwijzing de omvang van het benadelingsbedrag als uitgangspunt. Tot een benadelingsbedrag van € 50.000 wordt in beginsel bestuursrechtelijk gesanctioneerd, bij een bedrag van € 50.000 of meer in beginsel strafrechtelijk. De aanwijzing somt een aantal factoren op die aanleiding kunnen geven om af te wijken van deze uitgangspunten.
Artikel 1
Samenvatting
Onderdeel van Aanwijzing Sociale Zekerheidsfraude· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 1 oktober 2023