Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › § 2

Artikel 2.4

Reikwijdte: college van B&W als aangewezen bestuursorgaan

Onderdeel van Besluit experimenten bijhouding basisregistratie personen· Openbare orde en veiligheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 oktober 2023

1. De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten, genoemd in het zesde lid, zijn bevoegd om Onze Minister een opgave als bedoeld in artikel 2.70, derde lid, onderdeel a, van de wet te doen van gegevens over het tijdelijk verblijfsadres, ook indien zij zelf deze gegevens niet verwerken. 2. De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten, genoemd in het zesde lid, zijn bevoegd om ten behoeve van een opgave als bedoeld in het eerste lid gegevens over het tijdelijk verblijfsadres te verwerken. 3. Onze Minister verstrekt ten behoeve van de bevoegdheid, genoemd in het eerste lid, aan de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten, genoemd in het zesde lid, de noodzakelijke gegevens over niet-ingezetenen uit de basisregistratie. 4. Indien bij gegevens over het tijdelijk verblijfsadres een aantekening is geplaatst omtrent een onderzoek naar de onjuistheid of strijdigheid met de openbare orde, bevorderen de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten, genoemd in het zesde lid, de goede vaststelling van deze gegevens ook indien zij zelf deze gegevens niet verwerken. 5. De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten, genoemd in het zesde lid, kunnen Onze Minister niet verzoeken om een persoon in te schrijven in de basisregistratie als niet-ingezetene. 6. Gemeenten als bedoeld in het eerste tot en met vijfde lid, zijn: de gemeente Aalsmeer; de gemeente Hollands Kroon; de gemeente Horst aan de Maas; de gemeente Peel en Maas; de gemeente Schiedam.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel