Naar hoofdinhoud

Paragraaf 3

Artikel 3.3

Instapeisen

Onderdeel van Deelregeling meerjarige productiesubsidies Fonds Podiumkunsten 2025–2028· Cultureel recht

Deze tekst geldt sinds 17 oktober 2023

1. Een aanvrager dient te kunnen aantonen dat hij dan wel de maker(s) waarop de aanvraag betrekking heeft c.q. hebben in de jaren 2021–2023 artistiek verantwoordelijk is of zijn geweest voor de totstandkoming van meerdere producties die meermaals zijn uitgevoerd op verschillende podia of festivals die door het Fonds Podiumkunsten worden gesubsidieerd of daarmee gelijk te stellen zijn. 2. Een aanvrager dient in elk geval te kunnen aantonen dat hij voor het moment van het indienen van de aanvraag een minimaal totaalaantal producties en uitvoeringen heeft gerealiseerd in de periode 2022–2023. Per categorie geldt het volgende minimum: categorie I: 2 producties en 25 uitvoeringen; categorie II: 3 producties en 50 uitvoeringen; categorie III: 4 producties en 100 uitvoeringen of 50 uitvoeringen in de grote zaal. 3. Een aanvrager dient ook te voldoen aan de volgende eisen: De aanvrager dient te kunnen aantonen dat de artistieke en zakelijke leiding niet bij dezelfde persoon zijn belegd en dat dit in de komende periode ook het geval zal zijn; De aanvrager dient aan te tonen dat: het bestuur dan wel de raad van toezicht bestaat uit minimaal drie personen die onafhankelijk toezicht houden op de activiteiten; er een directiereglement is dan wel reglementen voor bestuur en raad van toezicht zijn, waarin afspraken zijn gemaakt over de taak-, verantwoordelijksheids- en bevoegdheidsverdeling; de aanvrager een procedure heeft vastgelegd in het geval er sprake is van (mogelijke) belangenverstrengeling bij een van de leden van de directie, het bestuur of de raad van toezicht. 4. In het kader van de toepassing van de Fair Practice Code dient een aanvrager zijn beloningsbeleid met inachtneming van fair pay, openbaar te hebben gemaakt. 5. Het bestuur kan besluiten om een aanvraag in behandeling te nemen die niet voldoet aan de vereisten uit de leden een tot en met vier als de aanvrager slechts in beperkte mate niet voldoet aan de vereisten. Het bestuur kan in dat geval voorwaarden verbinden aan het besluit om de aanvraag te honoreren. Dit is afhankelijk van de mate waarin de aanvraag niet voldoet aan de vereisten uit de leden een tot en met vier.

Rechtspraak bij dit artikel