Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.18

SES

Onderdeel van Beleidsregels risicoverevening 2024· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht

Deze tekst geldt sinds 21 oktober 2023

1. Het Zorginstituut baseert het geraamde aantal verzekerden per zorgverzekeraar voor het criterium SES op: de indeling in SES-klassen 2024 zoals weergegeven in het referentiebestand dat is opgenomen in Bijlage 14 van deze Beleidsregels; de leeftijd volgens het PKB 2022; het inkomen volgens de opgave per gepseudonimiseerd burgerservicenummer in het belastingdienstbestand over 2020; het inkomen volgens de opgave per gepseudonimiseerd burgerservicenummer in het belastingdienstbestand over 2021 wanneer voor 2020 geen gegevens beschikbaar zijn; het gepseudonimiseerde adres per gepseudonimiseerd burgerservicenummer volgens het belastingdienstbestand over 2022; het gepseudonimiseerde adres per gepseudonimiseerd burgerservicenummer volgens het PKB 2022 wanneer een verzekerde niet is opgenomen in het belastingdienstbestand over 2022; bewoners Wlz-instelling volgens Wlz-declaraties december 2021 en Wlz-declaraties december 2022; en de indeling in DKG_G-klassen zoals beschreven in Artikel 2.9. 2. Het Zorginstituut koppelt de gegevens, bedoeld in het eerste lid onderdeel b tot en met h, met het gepseudonimiseerde burgerservicenummer aan het PKB 2022 en bepaalt daarmee en met inachtneming van Bijlage 14 van deze Beleidsregels, in welke SES-klasse een verzekerde wordt ingedeeld. 3. Vervolgens koppelt het Zorginstituut de verzekerden aan het PER 2023, waarbij de verzekerden een zodanige zwaarte krijgen dat de relatieve prevalentie constant blijft. 4. Het Zorginstituut herschaalt het geraamde aantal verzekerden voor het criterium SES naar de macroverzekerdenraming, waarbij de verzekerden een zodanige zwaarte krijgen dat de relatieve prevalentie per SES-klasse constant blijft. 5. Het Zorginstituut past een correctie toe vanwege de verruiming van de Wlz per 2021 voor verzekerden met een psychische stoornis.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel