**1.** Het Zorginstituut baseert het aantal verzekerden per zorgverzekeraar voor het criterium IBZ_C op:
de indeling in IBZ_C klassen 2024 zoals weergegeven in het referentiebestand dat is opgenomen in Bijlage 8 van deze Beleidsregels;
de kosten verloskundige zorg en kosten verloskundige zorg via integrale geboortezorg 2023 per gepseudonimiseerd burgerservicenummer, zoals zorgverzekeraars die op 1 mei 2025 bij het Zorginstituut hebben aangeleverd;
de kosten verloskundige zorg en kosten verloskundige zorg via integrale geboortezorg 2022 per gepseudonimiseerd burgerservicenummer tot en met 31 december 2024, zoals zorgverzekeraars die op 1 mei 2025 bij het Zorginstituut hebben aangeleverd;
de kosten kraamzorg en kosten kraamzorg via integrale geboortezorg 2023 per gepseudonimiseerd burgerservicenummer, zoals zorgverzekeraars die op 1 mei 2025 bij het Zorginstituut hebben aangeleverd; en
de kosten kraamzorg en kosten kraamzorg via integrale geboortezorg 2022 per gepseudonimiseerd burgerservicenummer tot en met 31 december 2024, zoals zorgverzekeraars die op 1 mei 2025 bij het Zorginstituut hebben aangeleverd.
**2.** Het Zorginstituut koppelt de gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b tot en met e, met het gepseudonimiseerde burgerservicenummer aan het PKB 2024 en bepaalt daarmee en met inachtneming van Bijlage 8 van deze Beleidsregels, in welke IBZ_C klasse een verzekerde wordt ingedeeld.
**3.** Als een verzekerde niet in een andere klasse dan ‘Geen IBZ_C’ valt, deelt het Zorginstituut deze verzekerde in de klasse ‘Geen IBZ_C’ in.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.9
IBZ_C
Onderdeel van Beleidsregels risicoverevening 2024· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht
Deze tekst geldt sinds 21 oktober 2023