Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 2

Begrippen

Onderdeel van Regeling Vierjarige instellingssubsidie creatieve industrie 2025–2028· Cultureel recht

Deze tekst geldt sinds 1 december 2023

De in deze regeling gehanteerde begrippen hebben dezelfde betekenis als in de Regeling op het specifiek cultuurbeleid, daarbij wordt verstaan onder: Het fonds: het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie; Het bestuur: de directeur-bestuurder van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie, als bedoeld in artikel 5 van de statuten; Regeling: Regeling Vierjarige instellingssubsidie creatieve industrie 2025–2028 Creatieve industrie: het werkterrein van de ontwerpende disciplines vormgeving, architectuur en digitale cultuur, inclusief mogelijke cross-overs tussen deze disciplines; Koninkrijk: het Koninkrijk der Nederlanden, bestaande uit de landen Nederland, Aruba, Curaçao en Sint-Maarten en de openbare lichamen Bonaire, Sint-Eustatius en Saba; Culturele instelling: een non-profit-, privaatrechtelijke rechtspersoon met een ondersteunende, producerende of initiërende functie binnen de creatieve industrie zoals een lab of werkplaats, platform of presentatieplek; Aanvrager: een instelling die een subsidieaanvraag doet bij het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie; Kerntaak: de primaire activiteiten die bijdragen aan het realiseren van de doelstellingen van de instelling; Rijkscultuurfondsen: Fonds Podiumkunsten, Nederlands Filmfonds, Nederlands Letterenfonds, Mondriaan Fonds, Fonds Cultuurparticipatie, Stimuleringsfonds Creatieve Industrie; Eigen inkomsten: onder eigen inkomsten worden in deze regeling de volgende in de jaarrekening aan de batenkant van de exploitatierekening terug te vinden baten verstaan: Publieksinkomsten; Overige inkomsten, namelijk: Directe opbrengsten in de vorm van sponsorinkomsten; Indirecte opbrengsten; Overige bijdragen. Onder eigen inkomsten worden in elk geval niet begrepen de volgende baten: Subsidies die zijn verstrekt door een bestuursorgaan; Overige bijdragen uit publieke middelen; Rentebaten; Bijdragen in natura, waaronder kapitalisatie van eigen uren; apitalisatie van vrijwilligers; Waardering vrijkaarten; Overige baten die geen relatie hebben met cultureel ondernemerschap.

Rechtspraak bij dit artikel