Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.3

In te dienen documenten

Onderdeel van Subsidiereglement Koninklijke Bibliotheek 2024· Cultureel recht

Deze tekst geldt sinds 5 december 2023

1. De subsidieaanvraag gaat in ieder geval vergezeld van: een activiteitenplan; een begroting; een document waaruit de financiële positie van de aanvrager blijkt; de informatie zoals omschreven in de nadere regels als bedoeld in artikel 1.2, derde lid, of de besluiten als bedoeld in artikel 1.4. 2. Een activiteitenplan als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, omvat een overzicht van de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd, de met de activiteiten na te streven doelstellingen en de met de activiteiten te bereiken resultaten. 3. Een document als bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, is de laatst opgemaakte jaarrekening als bedoeld in artikel 361 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek of, indien geen jaarrekening voorhanden is, een verslag over de financiële positie van de aanvrager op het moment van de aanvraag. 4. De Koninklijke Bibliotheek kan nadere eisen stellen aan de wijze waarop en documenten waarmee de aanvrager zijn financiële positie onderbouwt. Het verslag over de financiële positie is voorzien van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek afkomstige schriftelijke verklaring omtrent de getrouwheid onderscheidenlijk een mededeling, inhoudende dat van onjuistheden niet is gebleken. 5. Een document als bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, gaat niet bij de aanvraag voor zover de aanvrager er redelijkerwijs vanuit kan gaan dat dit document al in het bezit is van de Koninklijke Bibliotheek. 6. Indien de Koninklijke Bibliotheek hierom verzoekt, verstrekt de aanvrager tevens een afschrift van de oprichtingsakte van de rechtspersoon dan wel van de statuten zoals deze laatstelijk zijn gewijzigd. 7. De subsidieaanvraag wordt in de Nederlandse taal ingediend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel