Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.2

Weigeringsgronden

Onderdeel van Subsidiereglement Koninklijke Bibliotheek 2024· Cultureel recht

Deze tekst geldt sinds 5 december 2023

1. Onverminderd artikel 4:35 van de Awb, wordt de subsidieverlening in ieder geval geweigerd voor zover: naar het oordeel van de Koninklijke Bibliotheek mag worden verwacht dat de met subsidieverlening beoogde doeleinden niet zullen worden bereikt; naar het oordeel van de Koninklijke Bibliotheek het verstrekken van de subsidie de taken als genoemd in artikel 9 van de wet, mede gelet op de beschikbare financiële middelen, niet of onvoldoende ondersteunt; de aanvrager naar het oordeel van de Koninklijke Bibliotheek de behoefte aan subsidie niet heeft aangetoond. 2. De Koninklijke Bibliotheek kan een subsidieverlening daarnaast weigeren wanneer naar haar oordeel: de aanvraag van onvoldoende kwaliteit is; het publieksbereik van de activiteiten onvoldoende zal zijn; geen sprake is van een realiseerbare activiteit naar inhoud en tijd; de kosteneffectiviteit onvoldoende is; de aanvraag niet voldoet aan de criteria zoals beschreven in de nadere regels als bedoeld in artikel 1.2, derde lid, of de besluiten als bedoeld in artikel 1.4. de aanvrager niet op een behoorlijke wijze rekening en verantwoording heeft afgelegd omtrent de verrichte activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten, voor zover deze voor de vaststelling van de subsidie van belang zijn. de aanvrager in het kader van de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van deze gegevens tot een onjuiste beschikking op de aanvraag zou hebben geleid, of de aanvrager failliet is verklaard of aan hem surséance van betaling is verleend. de verstrekking van subsidie niet verenigbaar is met het bepaalde in de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel