Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 4

Grenswaarden

Onderdeel van Beleidsregel evenredigheidstoets en sanctionering bij verlies betrouwbaarheid in het goederenvervoer over de weg· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2024

1. Strafpunten worden aan de vervoerder en de vervoersmanager toegerekend, tenzij in het betrouwbaarheidsonderzoek van de ILT kan worden aangetoond dat de vervoerder of de vervoersmanager niet verwijtbaar is. 2. De door de ILT aan een vervoerder of vervoersmanager toegerekende strafpunten worden bij elkaar opgeteld. 3. De grenswaarde van het aantal strafpunten is gerelateerd aan de omvang van de bedrijfsactiviteiten op basis van het aantal gewaarmerkte afschriften waar de vervoerder of vervoersmanager over beschikt en is als volgt: Aantal gewaarmerkte afschriften Grenswaarde aantal strafpunten 1 18 2–10 27 11–20 36 21–50 45 51–100 54 101–500 54 + 0,40 × (aantal gewaarmerkte afschriften – 100) 501 en meer 230 + 0,20 × (aantal gewaarmerkte afschriften – 500) 4. Indien een vervoersmanager de verantwoordelijkheid draagt voor het wagenpark van meerdere vervoerders, dan is de cumulatie van de verschillende wagenparken bepalend voor de voor de vervoersmanager geldende grenswaarde. 5. Overschrijding van de grenswaarde van het aantal strafpunten kan leiden tot het verlies van betrouwbaarheid. 6. Strafpunten vervallen twee jaar nadat ze zijn toegerekend.

Rechtspraak bij dit artikel