De personen, bedoeld in artikel 3, belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de Omgevingswet, zijn bevoegd, met medeneming van de benodigde apparatuur, een woning te betreden zonder toestemming van de bewoner, ten aanzien van de activiteiten, bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, c en d, en tweede lid, aanhef en onder b tot en met f, van de Omgevingswet, voor zover deze activiteiten betrekking hebben op gevaarlijke stoffen.
Hoofdstuk 2 › § 2.1
Artikel 7
Artikel 7
Onderdeel van Besluit aanwijzing toezichthouders Omgevingswet· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2024