Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Onderwerp

Onderdeel van Specifiek interventiebeleid NVWA diergezondheid (IB03-SPEC 16, versie 02)· Ruimtelijke ordening en milieu

Deze tekst geldt sinds 13 januari 2024

Het Specifiek interventiebeleid NVWA diergezondheid beschrijft, binnen de kaders van het Algemeen interventiebeleid NVWA 2024 (AIB), de klasseindeling en de interventies voor de beoordeling van specifieke overtredingen van de wetgeving in het domein diergezondheid. Dit domein heeft betrekking op het houden van en de handel in dieren, inclusief de verplaatsingen naar andere lidstaten en derde landen. Dit specifiek interventiebeleid heeft onder andere betrekking op het primaire bedrijf, (dieren)vervoer, verzamelcentra en slachthuizen en ziet tevens op hobbymatig gehouden dieren. Op overtredingen met betrekking tot diergezondheid anders dan in dit document of een ander specifiek interventiebeleid beschreven, blijft het AIB van toepassing. De Europese wetgeving over diergezondheid is samengebracht in één kader, namelijk de Diergezondheidsverordening (EU) 2016/429 en daarmee samenhangende gedelegeerde en uitvoerings- verordeningen. Daarbij ligt de focus op bevordering van diergezondheid via preventie, monitoring en bestrijding. De Verordening en de gedelegeerde- en uitvoeringsverordeningen, voorzien in uniforme, rechtstreeks werkende regels voor exploitanten, houders van dieren en voor de overheid. Aanvullende nationale bepalingen ten aanzien van diergezondheid zijn geregeld in de Wet dieren en de onderliggende besluiten en regelingen. Dit specifiek interventiebeleid ziet op alle Europese en nationale regelgeving met betrekking tot diergezondheid. De Europese regels betreffende diergezondheid zijn opgenomen in de Verordening (EU) nr. 2016/429 en zijn daarmee rechtstreeks van toepassing binnen de Europese Unie. Enerzijds betekent dit dat bepalingen uit de verordeningen niet geïmplementeerd mogen worden in nationale regelgeving, anderzijds behoeven bepalingen uitwerking in nationale regelgeving om de verordening te kunnen uitvoeren. Het gaat dan bijvoorbeeld om het strafbaar stellen van overtredingen van bepaalde voorschriften uit de verordeningen en de mogelijkheid om uitvoering te kunnen geven aan bindende onderdelen uit die verordeningen. De Wet dieren biedt de grondslag om overtredingen van bepalingen uit de verordeningen strafbaar te stellen. De verordeningen laten voor sommige onderwerpen, onder voorwaarden, ruimte aan lidstaten om aanvullende regels te stellen. Voor Nederland is het van belang om aanvullend op de Europese regels nationale regels te stellen om de diergezondheid te beschermen. De noodzaak voor het stellen van aanvullende nationale regels komt ook voort uit het feit dat de verordening voor sommige thema’s geen of beperkt regels stelt. Terwijl het voor een effectieve preventie, bewaking, monitoring en bestrijding wel noodzakelijk is om die aanvullende regels te stellen. Niet alle Europese regels die zien op dieren en ziekten zijn door de Verordening (EU) nr. 2016/429 vervangen. Naast de Verordening (EU) nr. 2016/429 blijft een Europese richtlijn, een besluit en twee verordeningen van toepassing die gaan over overdraagbare ziekten, inclusief zoönosen (zie hoofdstuk 2.2).

Rechtspraak bij dit artikel