Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Gehandicaptenregeling

Onderdeel van Besluit inrichtingseisen bpm en mrb· Belastingrecht

Deze tekst geldt sinds 7 maart 2024

De gehandicaptenregeling geldt alleen voor bestelauto’s, die zijn ingericht en worden gebruikt voor het vervoer van een gehandicapte persoon in de cabine en het gelijktijdige vervoer van diens niet-opvouwbare rolstoel of een ander in verband met de handicap noodzakelijk hulpmiddel. Het is mogelijk dat een gehandicapte een niet-opvouwbare rolstoel of rolbed tijdens het rijden als zit- of ligplaats moet gebruiken. Ik keur met toepassing van artikel 63 van de AWR (de hardheidsclausule) goed dat de gehandicaptenregeling van toepassing is als de niet-opvouwbare rolstoel of het rolbed in de bestuurderscabine is bevestigd. Ik stel hierbij de volgende voorwaarden: er moeten één of meer normale zitplaatsen uit de cabine worden verwijderd. Als het gaat om een bestelauto met enkele cabine, is dat de zitplaats naast de bestuurdersstoel. Als het gaat om een bestelauto met dubbele cabine zullen één of meer zitplaatsen achter de bestuurdersstoel moeten worden verwijderd om plaats te maken voor de rolstoel of het rolbed. De rolstoel of het rolbed moet eenvoudig uit de bestelauto verwijderbaar zijn, waardoor er geen sprake is van een permanent aangebrachte zit- of ligplaats.

Rechtspraak bij dit artikel