Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 4

Artikel 4

Onderdeel van Controlevoorschriften Remigratiewet· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 14 maart 2024

1. Op verzoek van de SVB overlegt de remigrant binnen de door de SVB gestelde termijn: een door een bevoegde autoriteit gewaarmerkte verklaring inzake het in leven zijn, de burgerlijke staat en de feitelijke gezinssituatie van de remigrant en zijn eventuele partner of kinderen; bewijsstukken met betrekking tot het al dan niet voeren van een gezamenlijke huishouding met een partner; bewijsstukken met betrekking tot door de remigrant of zijn partner ontvangen uitkeringen welke op de remigratie-uitkering in mindering worden gebracht; andere door de SVB gevraagde bewijsstukken welke noodzakelijk zijn voor de vaststelling van het recht op, dan wel de hoogte of de uitbetaling van de remigratievoorzieningen en waarover de remigrant redelijkerwijs de beschikking kan krijgen. 2. Op verzoek van de SVB legt de gewezen partner van de remigrant binnen de door de SVB gestelde termijn over: een door de bevoegde autoriteiten gewaarmerkte verklaring inzake het in leven zijn van de gewezen partner en zijn eventuele kinderen; bewijsstukken met betrekking tot door de gewezen partner ontvangen uitkeringen welke op de remigratie-uitkering in mindering worden gebracht; andere door de SVB gevraagde bewijsstukken welke van belang zijn voor de vaststelling van het recht op, dan wel de hoogte of de uitbetaling van de remigratievoorzieningen en waarover de gewezen partner redelijkerwijs de beschikking kan krijgen. 3. Op verzoek van de SVB legt de wees, dan wel zijn wettelijke vertegenwoordiger, binnen de door de SVB gestelde termijn over: een door de bevoegde autoriteiten gewaarmerkte verklaring inzake het in leven zijn; andere door de SVB gevraagde bewijsstukken welke van belang zijn voor de vaststelling van het recht op, dan wel de hoogte of de uitbetaling van de wezenuitkering en waarover de wees, dan wel zijn wettelijke vertegenwoordiger, redelijkerwijs de beschikking kan krijgen. 4. SVB is bevoegd kopieën te maken van de documenten die op grond van dit artikel door of namens de personen bedoeld in artikel 2, eerste lid, worden verstrekt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel