**1.** Activiteiten in het kader van seksualiteitshulpverlening, zijn:
het signaleren van hulpvragen met betrekking tot seksuele gezondheid;
het verrichten van eenvoudige psychosociale en somatische diagnostiek;
het geven van informatie en advies;
het voorschrijven van en behandelen met geneesmiddelen;
het verwijzen ter behandeling van complexe hulpvragen;
het registreren van gegevens ten behoeve van beleidsvorming op het gebied van collectieve preventie en seksualiteitshulpverlening.
**2.** Activiteiten in het kader van soa-zorg, met betrekking tot de daarbij genoemde soa, zijn:
indicatiestelling, anamnese, lichamelijk onderzoek, counseling, voorlichting en afname van lichaamsmateriaal voor soa-diagnostiek;
het uitvoeren of laten uitvoeren van soa-diagnostiek ten behoeve van soa-zorg;
het periodiek uitvoeren of laten uitvoeren van diagnostiek ten behoeve van PrEP-zorg;
de behandeling van en op indicatie verwijzing ter behandeling van chlamydia, gonorroe, syfilis of trichomonas; de verwijzing ter behandeling van hiv, hepatitis C of hepatitis B;
het registeren van gegevens over de zorg, bedoeld onder a tot en met d, ten behoeve van surveillance en onderzoek naar de aanwezigheid van soa en beleidsvorming op het gebied van collectieve preventie en soa-bestrijding.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.1
Nadere invulling activiteiten hoofdstuk 3
Onderdeel van Regeling specifieke uitkering aanvullende seksuele gezondheidzorg· Cultureel recht
Deze tekst geldt sinds 20 maart 2024