Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Werkwijze

Onderdeel van Specifiek interventiebeleid NVWA natuurwetgeving (IB03-SPEC08, versie 05)· Ruimtelijke ordening en milieu

Deze tekst geldt sinds 4 april 2024

Overtredingen worden ingedeeld naar de klassen zoals gedefinieerd in het AIB. De ernst van de overtreding en de toe te passen interventie worden onder andere bepaald door de omvang van het risico op ernstige tot geringe gevolgen voor de kwaliteit of diversiteit van de natuur, de herstelbaarheid daarvan en of er sprake is van calculerend en/of bewust risiconemend gedrag. Hoe groter het risico, des te hoger wordt de overtreding geclassificeerd. Voor bepaalde zware overtredingen kan het effectiever zijn om niet (meteen) een bestraffende sanctie toe te passen maar eerst te waarschuwen. Voor overtredingen van CITES en IUS betekent dit het volgende: Indien het overtredingen betreft die snel en eenvoudig kunnen worden hersteld en een gering risico opleveren voor aantasting van natuurwaarden, wordt een officiële waarschuwing (OW) gegeven in plaats van een bestraffende sanctie. De geconstateerde feiten en het eventueel uitgevoerde herstel worden in zulke gevallen vastgelegd. Veel van dergelijke overtredingen worden gepleegd door particulieren, waarbij na het opheffen van de overtreding, er geen noodzaak is om een herinspectie uit te voeren. Bij beschermde dieren en planten die niet opgenomen zijn op de Rode Lijsten wordt in principe afgeweken van het interventiebeleid en wordt de overtreding beoordeeld als middelzwaar. De omstandigheden tijdens de inspectie zijn echter leidend. De Omgevingswet kan zowel bestuurs- als strafrechtelijk worden gehandhaafd. Hieronder wordt het palet van mogelijke bestraffende sancties en corrigerende interventies weergegeven. Overtredingen van bepaalde bepalingen bij of krachtens de Omgevingswet leveren een economisch delict als bedoeld in de Wet op de economische delicten (Wed) op. De Minister voor Natuur en Stikstof is bevoegd om bij enkele overtredingen van de Omgevingswet een bestuurlijke boete op te leggen (art. 18.15a Omgevingswet). In die specifieke gevallen is RVO.nl gemandateerd voor overtredingen met beschermde en invasieve soort en maakt de NVWA een rapport van bevindingen op voor RVO.nl. Op basis van de Omgevingswet is de Minister voor Natuur en Stikstof bevoegd om bestuursrechtelijke maatregelen te nemen die gericht zijn op het herstel van de gevolgen van de overtreding of het voorkomen van verdere overtreding(en). De bestuursrechtelijke handhaving namens de Minister voor Natuur en Stikstof, geschiedt door zowel RVO.nl als de NVWA. De taakverdeling tussen RVO.nl en de NVWA daarbij is als volgt: Omgevingswet, met uitzondering van de Houtverordening en FLEGT: RVO.nl; Omgevingswet, onderdeel Houtverordening en FLEGT: NVWA. Na het constateren van een zware of middelzware overtreding kan een extra inspectie worden uitgevoerd om na te gaan of gemaakte afspraken over het opheffen van de overtreding zijn nagekomen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel