Aan medewerkers van de griffie die met de behandeling van Woo-verzoeken en Who-verzoeken zijn belast, wordt mandaat verleend tot:
het opschorten en het verdagen van een besluit op een Woo-verzoek, Who-verzoek of een beslissing op bezwaar;
het voeren van overleggen en het maken van afspraken met de indiener van een Woo-verzoek of Who-verzoek over de behandeling, precisering of verduidelijking van het verzoek;
het ondertekenen van correspondentie met betrekking tot de behandeling van een Woo-verzoek of een Who-verzoek;
het vragen van informatie ter bevestiging van de identiteit van betrokkene op grond van artikel 5.5, derde lid, van de Woo.
het in de gelegenheid stellen van een of meer derde-belanghebbenden tot het geven van een zienswijze als bedoeld in artikel 4:8 van de Awb op de voorgenomen openbaarmaking of verstrekking van documenten;
het verwijzen van verzoeker naar of het doorzenden van een schriftelijk verzoek om informatie aan een ander bestuursorgaan;
het feitelijk verstrekken van documenten ten aanzien waarvan tot openbaarmaking op grond van de Woo of hergebruik op grond van de Who is besloten.
het reageren op ingekomen zienswijzenverzoeken als bedoeld in artikel 4:8 van de Awb op de voorgenomen openbaarmaking of verstrekking van documenten, tenzij het zienswijzeverzoek informatie van de Voorzitter of het presidium betreft.
Artikel 3
Woo-coördinatoren
Onderdeel van Mandaatbesluit Woo en Who Tweede Kamer· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 6 juni 2024