Bij de beoordeling of wervings- en reclameactiviteiten van een houder van een andere vergunning op grond van de wet dan tot het organiseren van kansspelen op afstand, door vorm, context of doel sterke gelijkenis vertonen met wervings- en reclameactiviteiten voor kansspelen op afstand, bij het publiek redelijkerwijs de indruk geven dat zij kansspelen op afstand aanprijzen of mede aanprijzen, of op enigerlei andere wijze direct of indirect verwijzen naar kansspelen op afstand, als bedoeld in artikel 2ab, derde lid, van het Besluit werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen, kan de raad van bestuur in ieder geval en in onderlinge samenhang betrekken:
het doel, de inhoud, de vormgeving, de context, het medium en de locatie van de wervings- en reclameactiviteiten;
het product, de dienst, de persoon en de organisatie waarmee de wervings- en reclameactiviteiten worden verricht; en
het oordeel van onafhankelijke externe marketingpartijen over de wervings- en reclameactiviteiten.
Paragraaf 2
Artikel 2.7
Reclame kansspelen op afstand
Onderdeel van Beleidsregel verantwoord spelen 2024· Bank- en effectenrecht, financiering
Deze tekst geldt sinds 3 juni 2024