**1.** In aanvulling op artikel 17 van het Kaderbesluit is de subsidieontvanger verplicht:
alle laadpunten binnen twee jaar na de subsidieverlening volledig beschikbaar te hebben voor gebruik door zware elektrische wegvoertuigen, waarbij de laadlocatie voldoet aan artikel 2.2.3, eerste lid, onderdelen a tot en met h;
uiterlijk ten tijde van de aanvraag tot subsidievaststelling uitsluitend hernieuwbare elektriciteit te laten leveren voor de laadstations; en
een laadsysteem te gebruiken dat permanent met het internet is verbonden waarbij de communicatie volgens het Open Charge Point Protocol versie 1.6 of hoger verloopt.
**2.** In aanvulling op het eerste lid is de subsidieontvanger van een subsidie als bedoeld in artikel 2.2.3, eerste lid, verplicht gedurende 36 aaneengesloten maanden na vaststelling van de subsidie:
de laadinfrastructuur in te zetten als laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen die te allen tijde voor het publiek toegankelijk is; en
de laadinfrastructuur als publiek toegankelijk laadstation op te laten nemen in het publieke register.
**3.** In aanvulling op het eerste lid is de subsidieontvanger van een subsidie als bedoeld in artikel 2.2.3, tweede lid, verplicht gedurende 36 aaneengesloten maanden na vaststelling van de subsidie:
de stationaire batterij, zonder overdracht aan derden, in eigendom te hebben; en
ervoor zorg te dragen dat ten minste 70% van het aantal kWh dat uit de stationaire batterij wordt ontladen, wordt geleverd aan laadstations.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.2
Artikel 2.2.12
Verplichtingen subsidieontvanger
Onderdeel van Tijdelijke subsidieregeling zero-emissie mobiliteit· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 2 april 2025