**1.** Als subsidiabele kosten komen uitsluitend de kosten in aanmerking die nodig zijn voor de realisatie van de waterstofproductie-installatie.
**2.** Kosten die in ieder geval in aanmerking kunnen komen, zijn kosten van investeringen in:
gronden en gebouwen;
machines en apparatuur, waaronder batterijen met een maximaal vermogen van 1 MW per MW nominaal elektrisch inputvermogen van de elektrolyser en een maximale opslagcapaciteit van 2 MWh per MW nominaal elektrisch inputvermogen van de elektrolyser;
een opslagvoorziening van de hoeveelheid waterstof in kg die de waterstofproductie-installatie in een periode van 24 uur kan produceren;
materialen of hulpmiddelen;
immateriële activa;
aanleg van infrastructuur voor de verbinding van de waterstofproductie-installatie met een transmissie- of distributiesysteem voor elektriciteit en de waterstoftransportleidingen;
een compressie-installatie voor waterstof met een einddruk van ten hoogste 70 bar.
**3.** De volgende kosten komen niet in aanmerking:
kosten van omzetbelasting die de subsidieaanvrager in aftrek kan brengen;
kosten die de subsidieaanvrager heeft gemaakt voordat de aanvraag voor subsidie is ingediend.
§ 5
Artikel 5.4
Subsidiabele kosten realisatie waterstofproductie-installatie
Onderdeel van Subsidieregeling grootschalige productie volledig hernieuwbare waterstof via elektrolyse· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026