**1.** Het Zorginstituut baseert het aantal verzekerden per zorgverzekeraar voor het criterium MVV_C op:
de indeling in MVV_C-klassen 2025 zoals weergegeven in het referentiebestand dat is opgenomen in Bijlage 11 van deze Beleidsregels;
de leeftijd volgens het PKB 2025;
de kosten verpleging en verzorging 2022 per gepseudonimiseerd burgerservicenummer tot en met 31 december 2024, zoals zorgverzekeraars die op 1 mei 2025 bij het Zorginstituut hebben aangeleverd;
de kosten verpleging en verzorging 2023 per gepseudonimiseerd burgerservicenummer tot en met 31 december 2025, zoals zorgverzekeraars die op 1 mei 2026 bij het Zorginstituut hebben aangeleverd;
de kosten verpleging en verzorging 2024 per gepseudonimiseerd burgerservicenummer, zoals zorgverzekeraars die op 1 mei 2026 bij het Zorginstituut hebben aangeleverd;
de opgave van de zorgkantoren per 1 juni 2026 aan het Zorginstituut van de declaraties per gepseudonimiseerd burgerservicenummer van alle Wlz-prestaties in 2025; en
het PKB 2022, PKB 2023 en PKB 2024.
**2.** Het Zorginstituut koppelt de opgaven, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b tot en met g, met het gepseudonimiseerde burgerservicenummer aan het PKB 2025 en bepaalt daarmee en met inachtneming van Bijlage 11 van deze Beleidsregels, in welke MVV_C-klasse een verzekerde wordt ingedeeld.
**3.** Als een verzekerde niet in een andere klasse dan ‘Geen MVV_C’ valt, deelt het Zorginstituut deze verzekerde in de klasse ‘Geen MVV_C’ in.
4 Hoofdstuk IV
Artikel 4.12
MVV_C
Onderdeel van Beleidsregels risicoverevening 2025· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht
Deze tekst geldt sinds 19 november 2024