Deze richtlijn kent een eigen recidiveregeling voor specifiek genoemde feiten. Van recidive is sprake als vanaf de datum van een onherroepelijke veroordeling, de datum van een onherroepelijke strafbeschikking of de datum van het vervallen van het recht tot strafvordering op grond van een transactie als bedoeld in artikel 74 Wetboek van Strafrecht minder dan 5 jaar zijn verstreken na een eerdere veroordeling, een opgelegde onherroepelijke strafbeschikking of een aanvaarding van een transactie wegens een soortgelijk misdrijf. Meermalen recidive geldt voor ieder feit als strafverzwarende omstandigheid en vraagt om een op maat gesneden strafeis.
Artikel 4
Recidive
Onderdeel van Richtlijn voor strafvordering vuurwerkdelicten· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 1 december 2024