Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Inleiding

Onderdeel van Beleidsregeling Beleidskader beoordeling gedrag gedurende gehele detentie (herziene versie)· Strafrecht

Deze tekst geldt sinds 29 november 2024

Als gevolg van de inwerkingtreding van de Wet straffen en beschermen (Wet SenB) per 1 juli 2021 zijn diverse op de Penitentiaire beginselenwet gebaseerde ministeriële regelingen ingrijpend gewijzigd. Een van de wijzigingen behelst meer nadruk te leggen op het gedrag van gedetineerden bij het toekennen van externe vrijheden. Eén van de uitgangspunten van de Wet SenB en de onderliggende visie op het gevangeniswezen ‘Recht doen, Kansen bieden: naar effectievere gevangenisstraffen’ is dat gedrag telt (vanaf het begin van de detentie). Bij de beoordeling van externe vrijheden, zoals een aanvraag voor re-integratieverlof, Penitentiair Programma (PP), overplaatsingen naar een forensische zorginstelling (artikelplaatsing, artikel 43, lid 4 Pbw), tijdelijk verlaten van de inrichting (TVI) en strafonderbreking (SOB) wordt naast risico’s, slachtofferbelangen en de door de gedetineerde geleverde inspanningen om de door het strafbare feiten veroorzaakte schade te vergoeden, ook het gedrag gedurende de gehele detentie beoordeeld. Met de beoordeling van het gedrag gedurende de gehele detentie worden gedetineerden gestimuleerd om al vanaf het begin van de detentie gewenst gedrag1Zie bijlage 1 van de Rspog. te vertonen. In 2023 is middels een invoeringstoets2Brief van 11 oktober 2022, Kamerstukken II 2022–2023, 35 122, nr. 43,Brief van 26 oktober 2023, Kamerstukken II 2023–2024, 35 122, nr. 44,Brief van 20 juni 2024, Kamerstukken II 2023–2024, 29 279 en 24487, nr. 865. onderzocht of de Wet SenB onbedoelde effecten heeft voor de uitvoeringspraktijk en de doelgroep. Uit de invoeringstoets kwam een aantal signalen van onbedoelde effecten naar voren. Een deel van die signalen bevinden zich op het vlak van ‘gedrag telt’, namelijk dat: Gedetineerden met beperkt doenvermogen buiten de boot dreigen te vallen (er zijn te hoge verwachtingen van gewenst gedrag waardoor ze niet kunnen meekomen in het systeem van promoveren en degraderen); De verscherpte toetsing van gedrag tijdens de hele detentie voor bepaalde groepen gedetineerden onevenredig hard uitpakt; Het monitoren/rapporteren van gedrag veel van medewerkers van DJI vraagt en er behoefte is aan meer ‘menselijke maat’, zodat kan worden aangesloten bij de individuele omstandigheden van een gedetineerde. Uit de invoeringstoets blijkt daarnaast dat de Wet SenB moeilijk uit te voeren is op het punt het beoordelen van het gedrag van een gedetineerde tijdens zijn detentie. Het is gebleken dat het toepassen van het systeem van promoveren en degraderen tijdens detentie in combinatie met de beoordeling gedrag gedurende de hele detentie een te grote (administratieve) belasting voor het personeel betekent in het huis van bewaring (HvB) waar een groot deel van de gedetineerden kort verblijft en waar bovendien geen plusprogramma wordt aangeboden. Dit is de aanleiding tot het besluit het systeem van promoveren en degraderen in het HvB af te schaffen en de Regeling selectie, plaatsing en overplaatsing van gedetineerden hierop aan te passen. Het afschaffen van promoveren en degraderen in het HvB heeft consequenties voor de beoordeling van het gedrag gedurende gehele detentie. De afschaffing van promoveren en degraderen in het HvB en de hierboven genoemde onbedoelde effecten vormen de aanleiding voor het herzien van het Beleidskader beoordeling gedrag gedurende gehele detentie naar aanleiding van de inwerkingtreding van de Wet straffen en beschermen.3Stcrt. 2021, 31769. Dit laatste beleidskader wordt ingetrokken en vervangen door onderhavig beleidskader, dat wordt gepubliceerd in de Staatscourant.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel