De mediator komt na aanvraag in aanmerking voor een startbijdrage, indien voldaan wordt aan de volgende voorwaarden:
de mediator staat ingeschreven bij de Raad en heeft aangegeven zaken verwezen te willen krijgen vanuit de gerechten;
de mediator heeft via het door de Raad voorgeschreven formulier aangegeven deel te willen nemen aan de Regeling;
de mediator heeft werkzaamheden verricht in een zaak die vanuit de gerechten is verwezen met als doel om partijen door middel van mediation tot een oplossing van het geschil te laten komen;
De startbijdrage richt zich op procespartijen aan wie geen toevoeging voor mediation is verstrekt voor een zaak als bedoeld onder sub c op basis van de Wet op de rechtsbijstand;
de mediator heeft bij de aanvraag gevoegd:
een schriftelijke verwijzing van het gerecht naar procespartijen;
een afschrift van de door beide procespartijen getekende mediationovereenkomst.
De mediator verplicht zich ertoe geen kosten in rekening te brengen voor de in artikel 3, tweede lid van de regeling genoemde werkzaamheden.
Onverminderd artikel 4:49 Algemene wet bestuursrecht kan de Raad de mediator uitsluiten van deelname aan deze regeling indien na vaststelling van de startbijdrage blijkt dat de voorwaarde onder f niet in acht is genomen. Alvorens de mediator uit te sluiten, stelt de Raad de mediator in staat zijn zienswijze kenbaar te maken.
Hoofdstuk II
Artikel 5
Criteria
Onderdeel van Subsidieregeling startbijdrage mediation· Procesrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2025