Naar hoofdinhoud

Paragraaf 1

Artikel 1.5

Weigeringsgronden

Onderdeel van Regeling Internationale Concoursen· Cultureel recht

Deze tekst geldt sinds 19 december 2024

1. Het bestuur kan, onverminderd het bepaalde in artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht, subsidie weigeren: als de aanvraag onvoldoende concreet is met betrekking tot de uit te voeren activiteiten; als het bestuur er, op basis van de aanvraag, onvoldoende van overtuigd is dat de uit te voeren activiteiten kunnen worden gerealiseerd; als de aanvrager geen rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid is; als de aanvrager een rechtspersoon is met winstoogmerk; als de aanvrager in 2022 en 2023 niet heeft voldaan aan een of meer aan een subsidie verbonden voorwaarden of verplichtingen van regelingen van het Fonds Podiumkunsten, waaronder in elk geval ook vallen het juist en tijdig afronden van de gesubsidieerde activiteiten, het tijdig melden van relevante veranderingen in de realisatie en het juist en tijdig verantwoorden van de activiteiten; als aan de aanvrager voor zijn kernactiviteit subsidie is of zal worden verleend op grond van de Deelregeling meerjarige festivalsubsidies Fonds Podiumkunsten 2025–2028, de Deelregeling meerjarige productiesubsidies Fonds Podiumkunsten 2025–2028 dan wel op grond van een meerjarige regeling van een van de andere Rijkscultuurfondsen; als de aanvraag niet aan het bepaalde in deze regeling voldoet, waaronder het aantonen van een brede internationale positie 2. De subsidie wordt in ieder geval geweigerd: voor zover de aanvrager in de aanvraag niet verklaart dat hij de Fair Practice Code, Governance Code Cultuur en de Code Diversiteit & Inclusie toepast; als aan de aanvrager voor zijn kernactiviteit subsidie is of zal worden verleend op grond van de Regeling op het specifiek cultuurbeleid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel