Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Inleiding

Onderdeel van Beleidsbesluit belastingplicht en fiscale eenheid omzetbelasting· Belastingrecht

Deze tekst geldt sinds 1 juli 2025

Het besluit geeft in onderdeel 2 een invulling aan het begrip ‘zelfstandig’ zoals genoemd in artikel 7 van de Wet op de omzetbelasting 1968 met het oog op de btw-behandeling van de werkzaamheden van natuurlijke personen die optreden als toezichthouder of als lid van een bezwaaradviescommissie of van andere daarmee te vergelijken werkzaamheden zoals genoemd in dit besluit. Daarnaast bevat dit besluit in onderdeel 3 enkele aanwijzingen met betrekking tot de fiscale eenheid btw. In dat kader komt de belastingplicht van holdings aan de orde en is een goedkeuring getroffen voor opname in de fiscale eenheid van een holding die een sturende en beleidsbepalende functie vervult binnen het concern. Deze goedkeuring is overgenomen uit de holdingresolutie die met de inwerkingtreding van dit besluit zal vervallen. Awr Algemene wet inzake rijksbelastingen Awb Algemene wet bestuursrecht Wet Wet op de omzetbelasting 1968 BV Besloten vennootschap NV Naamloze vennootschap BW Burgerlijk wetboek Wbtr Wet bestuur en toezicht rechtspersonen Btw-richtlijn Richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde (PbEU L 347) Uitvoeringsbeschikking Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 HvJ Hof van Justitie van de Europese Unie HR Hoge Raad der Nederlanden Het besluit bevat beleidsregels met betrekking tot de artikelen 7, eerste, tweede en vierde lid van de Wet. Artikel 7, vierde lid, van de Wet regelt de fiscale eenheid voor de btw. De regeling voor de fiscale eenheid is nader uitgewerkt in artikel 3a van de Uitvoeringsbeschikking.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel