Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Geldmiddelen

Onderdeel van Statutenwijziging Stichting Nederlandse Algemene Kwaliteitsdienst Tuinbouw· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 23 januari 2025

1. De inkomsten van de Stichting bestaan uit: tarieven als bedoeld in artikel 21 van de Zaaizaad- en Plantgoedwet 2005 en artikel 21, zesde lid, van de Plantgezondheidswet met betrekking tot geregistreerde en erkende leveranciers en exploitanten; tarieven als bedoeld in artikel 21, vierde lid, van de Plantgezondheidswet ter zake van door Naktuinbouw op mandaat van de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur verrichte fytosanitaire inspectiewerkzaamheden; vergoedingen voor het verrichten van rassenregistratie- en kwekersrechtonderzoek; vergoedingen voor verrichte diensten; overige baten. 2. De tarieven als genoemd in lid 1 onder a. worden vastgesteld door het Bestuur. Deze tarieven behoeven, alvorens van kracht te zijn, de goedkeuring van de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur. 3. De tarieven als genoemd in lid 1 onder b. worden vastgesteld door de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur. 4. Ter zake van de geldelijke verplichtingen, de wijze van betalen en de inning van gelden als bedoeld in lid 1, onderdeel d. kan het Bestuur nadere voorschriften geven. Het boekjaar loopt van één januari tot en met éénendertig december. 1. De Stichting zet zich in voor de beheersing en de kwaliteit van de door haar te verrichten processen, in het bijzonder die betreffende keuringen en inspecties, (laboratorium)onderzoek en rassenregistratie- en kwekersrechtonderzoek, met name op aspecten van deskundigheid en onafhankelijkheid. Het Bestuur kan besluiten deze processen en werkwijzen te onderwerpen aan toetsingen naar (inter)nationaal erkende normen door onafhankelijke bureaus. 2. De Stichting beoogt niet het behalen van winst. Haar inkomsten strekken tot bestrijding der uitgaven. Van eventuele overschotten worden door het Bestuur fondsen en reserves gevormd, welke, behalve voor het dekken van eventuele tekorten van een boekjaar, dienstbaar zullen worden gemaakt aan de bevordering van het doel van de Stichting, overeenkomstig de besluiten van het Bestuur. 1. Telkenjare wordt door het Bestuur een begroting vastgesteld, omvattend onder meer gespecificeerde begrotingen van de sectorraden als bedoeld in artikel 12 lid 4. Met het oog op het bepaalde in artikel 15 leden 1, onderdeel a. en 2 wordt de begroting overgelegd aan de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur en dient het besluit tot vaststelling van de begroting door genoemde Minister te worden goedgekeurd. 2. De controle op het financiële beheer en op de rekening en verantwoording in het bijzonder, wordt uitgeoefend door een door het Bestuur te benoemen registeraccountant. Diens goedkeuring strekt tot décharge van het gevoerde financiële beheer. 3. Het Bestuur stelt de jaarrekening vast en legt deze ter goedkeuring voor aan de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel