**1.** Het Fonds weigert subsidie als:
voor dezelfde activiteiten al subsidie is of zal worden verleend:
door het Fonds;
door een van de andere rijkscultuurfondsen;
op grond van de Regeling op het specifiek cultuurbeleid; of
op grond van de Erfgoedwet.
de activiteiten of projecten waarvoor subsidie wordt gevraagd op het moment van de aanvraag al worden uitgevoerd;
de aanvraag wordt ingediend door een uitgeverij of omroeporganisatie;
de aanvraag wordt ingediend namens een overheidslichaam of semi-overheidslichaam;
de aanvrager failliet is verklaard of redelijkerwijs te verwachten is dat dit binnenkort gebeurt;
de aanvraag onvoldoende aansluit bij het doel van de regeling; of
de aanvrager een rechtspersoon is die niet voldoet aan de verplichtingen ten aanzien van de Fair Practice Code of de Governance Code Cultuur, zoals bedoeld in artikel 1.7, vierde lid.
**2.** Het Fonds weigert subsidie aan derden als die in opdracht werken van natuurlijke personen of rechtspersonen die niet in aanmerking komen voor een subsidie.
**3.** Het Fonds kan subsidie weigeren als aanvragers, voorafgaand aan de aanvraag, subsidie van het Fonds hebben ontvangen en toen niet, of niet helemaal, hebben voldaan aan de subsidieverplichtingen.
**4.** Het Fonds kan weigeren om subsidie te verstrekken als de aanvraag op enige wijze niet in overeenstemming is met de regeling.
**5.** Het Fonds kan subsidie weigeren als de aanvraag gericht is op reguliere of terugkerende activiteiten of activiteiten die redelijkerwijs gefinancierd kunnen worden uit het reguliere budget van de aanvrager.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.5
Algemene weigeringsgronden
Onderdeel van Regeling Cultuureducatie in het vmbo, vso en pro 2025–2028· Cultureel recht
Deze tekst geldt sinds 18 februari 2025