**1.** Het subsidiebedrag voor een vestiging wordt berekend door het aantal opgegeven leerlingen van de desbetreffende vestiging dat naar verwachting zal deelnemen aan het programma School en Omgeving te vermenigvuldigen met een bedrag van € 264,– per aangevraagd klokuur per kalenderjaar.
**2.** Indien een vestiging waarvoor subsidie wordt aangevraagd een totaal leerlingenaantal van 150 of minder heeft, wordt het subsidiebedrag voor de desbetreffende vestiging aangevuld met een aanvullend subsidiebedrag. Voor het totaal leerlingenaantal wordt gekeken naar de leerling telling van de Dienst Uitvoering Onderwijs met teldatum 1 februari 2025 voor het primair onderwijs en de leerling telling met teldatum 1 oktober 2024 voor het voortgezet onderwijs, zoals medio april 2026 geregistreerd bij de Dienst Uitvoering Onderwijs. Het aanvullende subsidiebedrag wordt berekend door 150 te verminderen met het aantal leerlingen waarvoor subsidie wordt aangevraagd, waarbij het resulterende getal wordt vermenigvuldigd met € 52,80,– per aangevraagd klokuur. Dit aanvullende bedrag wordt voor beide kalenderjaren berekend.
**3.** De minister verleent een voorschot van 100 procent, dat in twee termijnen wordt uitbetaald. De eerste betaling vindt uiterlijk in februari 2027 plaats. De tweede betaling vindt plaats in januari 2028.
Hoofdstuk 3
Artikel 9f
Subsidiebedrag
Onderdeel van Subsidieregeling School en Omgeving 2025–2028· Cultureel recht
Deze tekst geldt sinds 24 juli 2026