Een wachtlopend gezel zeevisvaart die deel uitmaakt van de brugwacht van een vissersvaartuig is in het bezit van een vaarbevoegdheidsbewijs dat ten minste voldoet aan voorschrift II/4, tweede lid, van de bijlage bij het STCW-verdrag.
Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet bemanning
zeeschepen in werking treedt.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.4
Artikel 3.4.10
Minimumeisen vaarbevoegdheidsverlening voor een wachtlopend gezel zeevisvaart
Onderdeel van Besluit bemanning zeeschepen· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2025