Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.4

Artikel 3.4.26

Kennisbewijs middelbaar maritiem officier alle zeeschepen, semi-duaal – uitstroom nautisch koopvaardij en waterbouw

Onderdeel van Regeling bemanning zeeschepen· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 1 juli 2025

Voor de afgifte van het kennisbewijs middelbaar maritiem officier alle zeeschepen, Nautisch Koopvaardij of Waterbouw (Crebonummers 25680 en 25681): voldoet de aanvrager aan de volgende onderdelen van voorschriften van bijlage I bij richtlijn (EU) 2022/993: voorschrift II/1, tweede lid, onderdelen 2 tot en met 6; voorschrift II/2, tweede lid, onderdeel 2; en voorschrift III/1, tweede lid, onderdelen 2 tot en met 5; heeft de aanvrager met goed gevolg examen afgelegd ter afsluiting van een opleiding die voldoet aan de volgende onderdelen van de STCW-code: sectie A-II/1, eerste lid, onderdeel 1, en tweede tot en met zesde lid; sectie A-II/2, eerste tot en met zevende lid, waarbij het in het vierde lid, bedoelde kennisniveau de functie kapitein betreft en waarbij het in onderdeel 5 bedoelde niveau alle zeeschepen betreft; en sectie A-III/1, eerste tot en met zesde lid, en negende lid; en heeft de aanvrager als onderdeel van de in onderdeel b bedoelde opleiding gedurende ten minste twaalf maanden diensttijd opgedaan, die in gelijke mate bestaat uit wachtwerkzaamheden op de brug en uit wachtwerkzaamheden in de machinekamer, onder bijhouding van een door of namens de kapitein of hoofdwerktuigkundige af te tekenen stageboek. Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet bemanning zeeschepen in werking treedt.

Rechtspraak bij dit artikel