Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.6

Artikel 3.6.2

Bij keuring over te leggen en te controleren bescheiden

Onderdeel van Regeling bemanning zeeschepen· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 1 juli 2025

1. De keuringsarts controleert voorafgaand aan de keuring: het identiteitsbewijs van de keurling; de keuringsstatus van de keurling, teneinde na te gaan of de keurling reeds door een andere keuringsarts is afgekeurd; in geval de keurling afkomstig is uit of woont in een door de Wereldgezondheidsorganisatie aangewezen risicogebied, de uitslag van een onderzoek op tuberculose dat niet langer dan één maand voorafgaand aan de keuring heeft plaatsgevonden; indien van toepassing, een geldige ontheffing als bedoeld in artikel 3.6.3, vierde lid, van het besluit, afgegeven namens de minister door de Medisch Adviseur Scheepvaart. Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet bemanning zeeschepen in werking treedt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel