De minister kan na overleg met de betrokken organisaties van scheepsbeheerders en vissers ontheffing verlenen van de artikelen van deze paragraaf waardoor, zonder discriminatie, rekening kan worden gehouden met de belangen van vissers met onderling verschillende en bijzondere religieuze en sociale gewoonten, op voorwaarde dat deze ontheffing niet ertoe leidt dat de algemene algehele omstandigheden minder gunstig zijn dan die welke voortvloeien uit de toepassing van deze paragraaf.
Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet bemanning
zeeschepen in werking treedt.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.4
Artikel 4.4.32
Uitzonderingen
Onderdeel van Regeling bemanning zeeschepen· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2025