Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.5

Artikel 4.5.5

Ventilatie

Onderdeel van Regeling bemanning zeeschepen· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 1 juli 2025

1. Verblijven worden geventileerd, rekening houdend met de klimatologische omstandigheden. 2. Het ventilatiesysteem zorgt constant voor voldoende verse lucht wanneer er vissers aan boord zijn. 3. Een vissersvaartuig dat regelmatig wordt ingezet voor reizen in de tropen of in andere gebieden met vergelijkbare klimatologische omstandigheden, is uitgerust met mechanische ventilatiemiddelen of met elektrisch aangedreven waaiers, met dien verstande dat slechts één van deze middelen behoeft te zijn aangebracht in ruimten waar dit een voldoende ventilatie verzekert. 4. Een vissersvaartuig dat wordt ingezet op reizen in gebieden anders dan bedoeld in het tweede lid, is uitgerust met mechanische ventilatiemiddelen of met elektrisch aangedreven waaiers. 5. Voor een vissersvaartuig dat geregeld wordt ingezet op reizen in koude streken, kan de minister ontheffing van het derde lid verlenen. 6. Het vermogen dat nodig is om de ventilatiemiddelen, bedoeld in het tweede en derde lid, aan te drijven, is beschikbaar gedurende de gehele tijd dat er vissers aan boord verblijven of werken en de omstandigheden dit vereisen. 7. Toiletten zijn onafhankelijk van andere gedeelten van een verblijf op de buitenlucht geventileerd. Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet bemanning zeeschepen in werking treedt.

Rechtspraak bij dit artikel